omslag illustratie
Natuurhistorisch Genootschap in Limburg
 

Evenement Genootschapsweekend natuurpark Rodebeek-Rodebach

Knop bewerken

Jaarlijks organiseert het Natuurhistorisch Genootschap inventarisatieweekenden in Limburg. Tijdens zo'n inventarisatieweekend wordt onderzoek uitgevoerd door alle studiegroepen van het Natuurhistorisch Genootschap.


INVENTARISATIEWEEKEND 2010: Natuur op de grens in Natuurpark Rode Beek-Rote Bach

Van vrijdag 11 tot en met zondag 13 juni 2010 organiseert het Natuurhistorisch Genootschap weer een inventarisatieweekend. Het doel is de Schinveldse bossen en het dal van de Rode beek en omgeving. Hier zal gekeken worden naar diverse soortgroepen.

De Schinveldse Bossen

De Schinveldse bossen vormen het grootste aaneengesloten bosgebied in het noordoosten van Zuid-Limburg. De bossen liggen op de helling van een beekdal en gaan geleidelijk over in de vochtige graslanden langs de beek. Op sommige plaatsen komt kwelwater aan de oppervlakte door twee dikke ondoorlaatbare kleilagen in de bodem. Het bos wordt plaatselijk onderbroken door landbouwpercelen en groeven die zijn ontstaan door de afgraving van klei.
De noordelijke naaldbossen liggen op zandgrond.
Het merendeel van de bossen is rond 1900 aangeplant op voormalige heidegronden. Dat hier voorheen heide was, is nog te zien aan het plaatselijk voorkomen van struikheide en het veelvuldig voorkomen van de blauwe bosbes. Door dit bos lopen kaarsrechte wegen en afwateringsgreppels uit de tijd dat het gebied als productiebos werd gebruikt. Natuurmonumenten vormt de grovedennenbossen om tot natuurlijkere loofbossen. In het zuiden en oosten zijn de wandelpaden smaller en kronkeliger. Hier liggen eeuwenoude loofbossen waarvan de bodem bestaat uit löss.
In het eiken-beukenbos groeit wilde kamperfoelie. Het is de voedselplant van de kleine ijsvogelvlinder, die voorkomt langs de bosranden. In het bos broeden diverse soorten roofvogels. Ook zangvogels als Fluiter, Bonte vliegenvanger en Middelste bonte specht zijn er te vinden. Voorkomende zoogdieren zijn vos, de zeldzame boommarter, steenmarter en ree.
In het bos liggen enkele oude groevencomplexen waarvan een aantal diepe bakken met steile wanden hebben. Deze zijn ontstaan door kleiafgraving. In de rietzomen bij de groeven broeden bruine kiekendief, oeverzwaluw en dodaars. De afgravingen zijn daarnaast van belang voor libellen. Rond de Grote Allee bevinden zich maar liefst twintig soorten, waaronder de zeldzame bruine winterjuffer. Verder leven bij de groeven veel reptielen en amfibieën zoals de vinpootsalamander en de hazelworm.
Waar de kleilagen dieper in de bodem zitten, liggen akkers en weilanden. Het Boschveld is een voormalige es die bijna helemaal is omsloten door bos. In de Romeinse tijd was dit deel al in gebruik als landbouwgrond. Aan het begin van de twintigste eeuw werd nog landbouw bedreven en groeiden hier veel akker(on)kruiden. Met de komst van kunstmest en bestrijdingsmiddelen zijn veel soorten verdwenen. Kruiden die er nog te vinden zijn, zijn gele ganzenbloem, akkerleeuwenbek en gewone margriet. In het Boschveld broeden tapuit, nachtzwaluw en roodborsttapuit. Ook vleermuizen houden van dit halfopen landschap. Een bedreigde soort die voorkomt in het gebied is de baardvleermuis. Het is de bedoeling om in de toekomst het agrarisch gebruik van de landbouwenclaves te beëindigen en een natuurgebied te ontwikkelen waarbij het halfopen karakter behouden blijft.
In het noorden ligt het Leiffenderveld dat sinds 1974 in gebruik is als zweefvliegveld. Ten noorden en ten oosten van het zweefvliegveld liggen waardevolle vochtige schraalgraslanden met soorten als moerasviooltje, blauwe zegge en wateraardbei. Ten westen van het vliegveldje ligt een open weidegebied. Ten noorden van het zweefvliegveld ligt een stukje droge heide met pilzegge en tormentil. Ten oosten van de Bergenboschvijver ligt een strook vochtige heide. Hier groeien dophei, padderus en echt duizendguldenkruid.
De Schinveldse Bossen worden in het noorden begrensd door de Rodebach. Afwatering van het natuurgebied gebeurt door de Ruscherbeek die uitmondt in de Rode Beek. Beide beken liggen diep in het landschap en volgen niet hun natuurlijke loop. Zo is de beekloop van de Ruscherbeek bij de zweefvliegbaan om de landingsbaan heen gelegd. De bedoeling is om de Schinveldse Bossen en het Dal van de Rode Beek met elkaar te verbinden. De beekdalen van de Ruscherbeek, de Rodebach en de Rode Beek spelen hierbij een grote rol.

Kortom, een weekend dat naar meer smaakt.

Deelnemen

Deelname aan het weekend kost € 35,- voor Genootschapsleden, dit is inclusief twee keer ontbijt en het diner op zaterdagavond.
U kunt zich aanmelden via kantoor@nhgl.nl of tel. 0475-386470

Praktisch.

Denk aan lakens, een kussenovertrek en een slaapzak. Er zijn geen dekens aanwezig !

Wilt u niet in de slaapzaal overnachten, dan is het ook mogelijk om te kamperen. Dus voor de kampeerders met een klein tentje, denk aan de haringen etc.

Gegevens

OrganisatieKantoor en Plantenstudiegroep
ContactOlaf Op den Kamp
TijdVrijdag, 11 juni 2010 t/m zondag, 13 juni 2010
PlaatsNatuurpark Rode Beek-Rodebach
Joomla SEF URLs by Artio